Twee verzetshelden, Albert Reulen en Jacobus Frenken

Er is op veel manieren verzet gepleegd. Twee dappere mannen die zich bijzonder hebben onderscheiden zijn Albert Reulen en Jacobus Frenken. In de editie van donderdag 15 juni 1944 van de gelijkgeschakelde krant Het Vaderland staat het volgende bericht van de Höhere SS und Polizeiführer ‘Nordwest’: ‘Het Polizeistandgericht heeft de volgende Nederlanders ter dood veroordeeld: Den fabrieksarbeider Albert Reulen uit Roermond en den lasser Jacobus Frenken uit Maasniel. De veroordeelden hadden als leden van een terroristengroep deelgenomen aan de gewapende overvallen op het gemeentehuis Haelen op 13 februari 1944, op het gemeentehuis in Venhuizen op 18 maart 1944 en op het gemeentehuis in Heiloo op 12 mei 1944. Daarbij werden levensmiddelenbonnen, geld, formulieren voor persoonsbewijzen en andere zaken in vrij groten getale gestolen. Bij de overval op het gemeentehuis in Venhuizen heeft een der daders den zich te weer stellenden politieagent neergeschoten. Daarmede hebben de veroordeelden zich schuldig gemaakt aan deelneming aan een geheime organisatie, aan voortgezette sabotage en aan het onbevoegd bezit van vuurwapens.’ Het bericht van de bezetter eindigt met de mededeling: ‘Het vonnis is na onderzoek van de gratiekwestie voltrokken.’

Albert Reulen en Sjaak Frencken zijn samen met vijf kompanen veroordeeld en op 15 juni 1944 in Bloemendaal terechtgesteld. Ze liggen naast elkaar begraven tegen de muur aan van Oude Kerkhof aan de Herkenbosscherweg in Roermond.

Ook Albert Reulen en Sjaak Frencken zijn ieder jaar in het dodenappel bij het verzetsmonument herdacht. Van het noemen van alle ruim vierhonderd namen is de laatste jaren afgezien omdat het veel tijd vergt van de deelnemers aan de herdenking. Maar er zal nooit worden voorbijgegaan aan moedige stadgenoten door ze in één adem te noemen met alle oorlogsslachtoffers in het teken van de goede strijd.